Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.X sluit
Uitgebreid zoeken
Boek

De weg van mijn grootvader

Cornelis Lindeboom 1872 1938

De weg van mijn grootvader - Cornelis de Bruijne - ISBN: 9789075879636
Prijs: € 22,00 (onder voorbehoud)
Beschikbaarheid: Nee
Bindwijze: Boek, Paperback (17-08-2012)
Genre: Historische biografieën
Boekenliefde.nl:
De weg van mijn grootvader op boekenliefde.nl
U kunt dit product niet bestellen

Beschrijving

'De weg' van Cornelis Lindeboom (1872-1938) biedt een levensbeschrijving van een gereformeerde dominee. Hij was predikant achtereenvolgens in Sprang, Bolnes, Apeldoorn, Gorinchem en Amsterdam. Zijn leven was verweven met een omvangrijk netwerk van gelijk¬gezinden en heeft een markant spoor getrokken in de geschiedenis van de gereformeerde gezindte.
Als zoon van de Kampener hoogleraar Lucas Lindeboom (1845-1933) leefde Cornelis in een we¬reld waarin alles en iedereen nog op zijn plaats stond; een kleine wereld, schijn¬baar onberoerd door het stormtij van de geschiedenis. Van de grote technische en maatschappelijke omwentelingen zien wij alleen de fiets zijn gezichtsveld binnenrijden. Hij heeft in zijn studententijd dat gezichtsveld zelf zorgvuldig in kaart gebracht met de twee reisbeschrijvin¬gen die in dit boek opgenomen zijn, door Utrecht en Gelderland (1892) en Duitsland en Zwitserland (1895). Juist in de ietwat breedsprakige uitwei¬dingen geeft hij treffende beelden uit het leven van alledag.

Details

Titel: De weg van mijn grootvader
auteur: Cornelis de Bruijne
Mediatype: Boek
Bindwijze: Paperback
Taal: Nederlands
Druk: 1
Aantal pagina's: 368
Uitgever: Samenwerkende Uitgevers VOF
Publicatiedatum: 17-08-2012
NUR: Historische biografieën
Afmetingen: 202 x 122 x 24
Gewicht: 434 gr
ISBN/ISBN13: 9789075879636
Intern nummer: 22544373

Extra informatie

De weg van mijn grootvader. Cornelis Lindeboom 1872-1938

Recensie

De weg van mijn grootvader draait om twee eind negentiende-eeuwse reisverslagen van Cornelis Lindeboom (1872-1938). Maar het duurt even voordat het boek daarop focust. De weg van mijn grootvader begint met een uitgebreide biografische schets, van de hand van kleinzoon Cornelis (Kees) de Bruijne. Druk maatschappelijk leven Cornelis Lindeboom had in zijn jeugd niet alleen een goede pen, hij had daarna ook druk maatschappelijk leven, als gereformeerd predikant en voorzitter van het doveninstituut Effatha en de psychiatrische instelling Vogelenzang. Daarmee bouwde hij voort op het gedachtegoed van zijn vader, de bekende hoogleraar en filantroop Lucas Lindeboom. Lindeboom sr. richtte in 1884 de Vereeniging tot Christelijke verzorging van Geestes- en zenuwzieken op. Veel ook nu nog bekende instellingen kwamen uit die vereniging voort: Veldwijk te Ermelo werd gesticht in 1886, Bloemendaal in Loosduinen in 1892, in 1937 volgde Wolfheze. Een andere instelling, Vogelenzang in Bennebroek werd opgericht in 1927, en vanaf dat moment was Cornelis, als zoon van Lucas, voorzitter van Vogelenzang. Hij zou dat tot zijn dood blijven. Roerselen Het verhaal van Kees de Bruijne, die zijn grootvader zelf niet heeft meegemaakt, heeft zeker aan het begin een sterk opsommend karakter; over de persoonlijke roerselen van Cornelis komen we niet veel te weten. Misschien is dat omdat er maar weinig bronnen zijn overgebleven. Misschien ook omdat de schrijver niet te suggestief met zijn eigen familiegeschiedenis wil omgaan. De Bruijne suggereert wel dat de voetreizen die Cornelis Lindeboom ondernam wellicht een ontsnapping waren aan een niet zo gelukkige jeugd. Elders haalt hij jeugdvriend Bas Wielenga aan, die dat beeld bevestigt en tegelijkertijd ontkracht: 'Cornelis werd, zo meldde zijn vriend, door zijn vader nogal streng opgevoed. Soms werden de teugels wel erg strak aan getrokken. Dat verhinderde echter niet, zo blijkt uit diverse brieven, dat er een blijvende band van waardering tussen vader en zoon bestond.' Op welke manier werden de teugels dan strak aangetrokken? Hoe kwam het dat de twee toch waardering voor elkaar kregen? De Bruijne graaft niet verder. Eigen mening Cornelis hield zich als jonge predikant met van alles en nog wat bezig. Hij stond maatschappelijk gezien duidelijk in de schaduw van zijn vader, maar dat betekende niet dat hij geen eigen mening of drive had. Het is boeiend om te zien hoe hij zich als plaatselijke predikant mengde in de politiek door bijvoorbeeld de situatie van de scheepsarbeiders in Bolnes, zijn eerste gemeente, te kritiseren. Op theologisch gebied stond hij ook zijn mannetje; hij dacht na over de groeiende aandacht voor het boeddhisme onder intellectuelen en hoopte dat ze zouden inzien dat het christendom meer te bieden had. Cornelis' standpunten over het kiesrecht voor vrouwen waren opmerkelijk progressief voor zijn tijd. Zijn vrouw Anthonia (Tho) de Jong had evenals hij een goede opleiding genoten en ontwikkelde zich tot een bij protestanten geliefde schrijfster: ze schreef onder de naam Anthonia Margaretha boeken als God zal zorgen. Een ware geschiedenis (1914) en Waar woont het geluk? (1922). Reizen Het vervolg van De weg van mijn grootvader, dat de verslagen van twee reizen bevat, met mooie tekeningen erbij is de spreekwoordelijke goede wijn die voor het laatst bewaard is. Hoogtepunt is het eerste verslag uit 1893, over een tocht door Gelderland en Utrecht die Cornelis samen met zijn vriend Bas Wielenga, die net als hij predikant in Amsterdam zou worden, maakte. De twee jongens van ongeveer twintig reisden in de Paasvakantie, te voet, want fietsen konden ze nog niet. Cornelis Lindeboom had beslist schrijftalent, want ook na meer dan honderd jaar boeit zijn stijl nog steeds. Als het tweetal na vertrek uit Utrecht in Doorn is aangekomen, blijven ze te lang plakken bij de plaatselijke predikant, zodat ze er te laat achterkomen dat het logement verderop geen gasten ontvangt. De gastvrouw doet de schoonmaak, en even een bed neerleggen vindt ze niet goed genoeg voor de jongens. 'Het gebeurt niet, hoor je. Meen je dat ik de goeje naam van men Loziement in opspraak wil brengen?' Typeren Lindeboom is goed in het typeren van mensen, hun spraak maar ook hun voorkomen en de manier waarop ze met elkaar omgaan. De weg van mijn grootvader doet als tijdsdocument denken aan het door Geert Mak bekend geworden De zomer van 1823 van Jacob van Lennep. Er zit zo'n zeventig jaar tussen, maar op dezelfde manier prikkelt Lindebooms verslag om de plaatsen die worden aangedaan nu met andere ogen te bezien. Humoristisch is Lindeboom ook. Nadat de jongens in Doorn geen bed hebben gevonden worden ze naar Amerongen gestuurd. Het is al laat en in de duisternis komen ze af en toe een beschonken boer tegen, op de terugweg van een feest: 'Uit de verte schenen zij ons dwaallichten toe. Want we zagen niets anders dan 't vuur der brandende sigaar, dat zich voor onze oogen van den eenen naar den anderen kant bewoog.' Het tweede reisverslag is van een treinreis door Duitsland en Zwitserland; de toon van het verslag is ernstiger, de observaties zijn minder scherp. Dat is jammer maar ligt misschien ook aan het vervoermiddel, dat goed kijken moeilijker maakt. Psalm De preek over psalm 84 waarmee De weg van mijn grootvader besluit, probeert de geestelijke kant van Cornelis Lindeboom met de avontuurlijke die vooral zijn jeugd kenmerkte, naar elkaar toe te trekken. Dat doet wat gekunsteld aan. Maar anderzijds, het is ook moeilijk meer voor te stellen dat het gewone, het intellectuele én het geestelijke leven zo in elkaars verlengde lagen als toen.

Winkelvoorraad

Dit product is op dit moment niet op voorraad in een van onze vestigingen.